Wat als Kevin De Bruyne zaalvoetballer was geweest?

 

Eind januari tekende Kevin De Bruyne een fel verbeterd contract bij het Engelse Manchester City. 360,000 € per ...week.

Waarom verdient hij nu zoveel?

Het antwoord is duidelijk. Talent, hard werk, resultaten, een rijke club in een rijke competitie, wereldwijde media aandacht voor voetbal.

 

Maar wat als KDB nu zaalvoetbal in plaats van veldvoetbal zou spelen?

 

Hij zou er de Braziliaan Alessandro Rosa Vieira, alias Falcao, tegenkomen. De beste zaalvoetballer ter wereld, op zijn 14e zeker zo goed als KDB.

Zowel de Belg als de Braziliaan zijn echte cracks, worden commercieel gehyped, hebben een verkoopbare 'likeability' factor.

 

Falcao verdient niet eens een deeltje van De Bruyne, en zal dat ook nooit doen.  

 

Omdat Falcao een 'Sector' nadeel heeft.

Zaalvoetbal, ooit als een spectaculair alternatief op het veldvoetbal naar voor geschoven (technisch, meer doelpunten, andere spelregels die het spektakel moet garanderen, meer comfort voor toeschouwer... ) wordt letterlijk verpletterd door veldvoetbal dat met alle aandacht gaat lopen.

 

Gevolg: een top veldvoetballer wint in één week, wat die andere in één jaar verdient. 

Kortom, Falcao zit als voetballer in de verkeerde business, De Bruyne niet. 

 

Dit misschien extreem voorbeeld toont aan, hoe een bepaalde sector, in vergelijking met een andere, bepalend kan zijn voor een loopbaan.

In coaching gesprekken met zowel twintig-en dertigers, valt het mij dikwijls op hoe sterk de focus ligt op onmiddellijk bruikbare expertise, op de huidige werkomgeving of verantwoordelijkheid.

Een bredere reflectie over de sector waarin men actief is, blijkt eerder uitzondering.

Kortom het hier, nu en dichtbij.

 

Maar van elk van deze mensen weet je in feite al twee zaken.

Hij/zij zal op zijn minst vier tot vijf nieuwe werkgevers kennen, zal meer dan waarschijnlijk vroeg of laat iets totaal verschillends doen, of toch ten minste in een totaal verschillende omgeving.

Al of niet gedwongen. Zorgen voor later, denk je dan.

 

Mc Kinsey bracht in kaart de economische winst over 10 jaar van de bijna drieduizend grootste bedrijven ter wereld, en kwam tot de conclusie dat ongeveer 50% van een bedrijfsresultaat rechtstreeks te maken heeft met wat er zich, positief of negatief, in een bepaalde sector afspeelt. 

 

Het belang en de dynamiek van een sector is zelfs zo bepalend dat, steeds volgens McKinsey, het voor een loopbaan misschien beter is voor een 'gewoon' bedrijf te werken in een snelgroeiende sector, dan voor een 'goed' bedrijf in een stagnerende omgeving.

 

De diverse trends in je eigen sector (positief of negatief) zijn dus belangrijke factoren, die je mogelijkheden en kansen voor de volgende jaren voor een stuk zullen bepalen. 

 

Omdat een globale economie diverse cycli kent. Nieuwe technologieën en business modellen ontstaan, andere verdwijnen dan weer. Structuren veranderen, winsten dalen, stijgen of verplaatsten zich naar andere sectoren.

 

De resultaten kunnen soms dramatisch zijn. De wireless telecom business steeg op tien jaar tijd van ongeveer helemaal onderaan de ladder, naar de absolute top. De olie en gas industrie deed net het omgekeerde en is bijna gedevalueerd tot het leveren van commodities.

Alles verandert zo snel en onvoorspelbaar dat geen enkele job, bedrijf of sector future-proof is.

 

Nu zijn we allemaal geneigd om slecht nieuws dat onszelf betreft te minimaliseren. De komst van de stoommachine heeft ons per slot van rekening ook niet allemaal werkeloos gemaakt. 

 

In een loopbaan-strategie is het dus essentieel om zelf in de ‘driver’s seat’ te blijven en niet achter de feiten te moeten aanhollen, of van geluk of toeval af te hangen.

Een proactieve benadering van je eigen loopbaan zorgt ervoor dat je de regisseur blijft, en daarom is het belangrijk iets verder te kijken dan je nabije omgeving, en de relevante tendensen in je industrie op tijd te herkennen, en indien nodig je plannen hieraan aan te passen.

 

Geen doemdenken maar opportuniteiten ontdekken.

De uitdaging bestaat erin de achtergrond van deze tendensen en hun toekomstige impact op je bedrijf en job goed te begrijpen.

Leer daarom te denken in concepten en het begrijpen van achterliggende tendensen.

Zet daarnaast in op het aanleren van persoonlijke en management vaardigheden.

Dit kan er voor zorgen dat je makkelijker kunt overschakelen naar andere beroepen of sectoren in jouw werkveld. 

Even belangrijk dus, is een oog te hebben op andere sectoren, industrieën en ook hier de relevante tendensen op te volgen.

 

Je zal maar zelden tegenkomen dat een talent in één sector, niet bruikbaar is in een andere sector. 

 

Vergelijk de trends in je sector met een roltrap.

Ooit hebben we als kind allemaal een dalende roltrap proberen op te lopen. Wel, je mocht behoorlijk snel en hard lopen, was het maar om niet achteruit te donderen.

 

Sectoren zijn vergelijkbaar. 

Wandel je een stijgende roltrap op, dan werkt deze voor jou.

Doe je het omgekeerde, probeer je die dalende trap op te lopen, zal je hard moet werken, was het maar om niet ter plaatse te trappelen of, erger nog, om niet achtergelaten te worden.

 

In welke richting gaat jouw roltrap?

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

© 2017  by Benoit De Witte.